E_Foeke Sj_9_o-4
E_Foeke Sj_9_o-1
E_Foeke Sj_9_o-2
E_Foeke Sj_9_o-3

Terug naar vorige pagina

Ee, Foeke Sjoerdsstrjitte 9

VLASMUSEUM ‘T BRAAKHOK.

Dit is het enige vlasbewerkingsmuseum dat Nederland rijk is. In dit gebouw is te zien hoe zwaar het werk was dat hier vroeger gedaan werd: repelen, braken en zwingelen. Allemaal bewerkingen om van vlas ongesponnen vlaslinnen te maken.

Het Vlasmuseum in Ee is ondergebracht in een ‘schuurtje’, waarin vroeger ook een echt ‘braakhok’ gevestigd was. In de wintermaanden werkten hier mensen, die moeite hadden rond te komen. Het was eigenlijk een sociale voorziening. Van de zestien Braakhokken in Oost Dongeradeel is het Vlasmuseum in Ee de enige overgebleven in zijn soort. In de wintermaanden werd er niet gerepeld, dat gebeurde al eerder, vlak na de oogst. Bij het repelen worden de zaadbolletjes van de vlasstengels verwijderd. De zaden werden (en worden) nog steeds gebruikt voor de productie van lijnolie, dat veel gebruikt werd in de verfindustrie. De uitgeperste lijnzaden werden verwerkt tot lijnkoeken. Het vee, dat deze koeken gevoederd kreeg, kreeg een mooie glimmende vacht.

De tweede bewerking vond in de herfst vlak na de oogst plaats: het roten. De bewerking bestond eruit het vlas zo’n dag of tien nat te houden teneinde de houterige delen van de stengel te laten rotten, terwijl de kostbare linnenvezel heel zou blijven. Te kort roten betekende dat de houterige delen niet los wilden laten, te lang roten hield in dat ook de vezel verrotte.

In het braakhok was de eerste bewerking het braken, eigenlijk het breken. Het gerootte vlas, dat een dag of tien had liggen ‘rotten’ onder water, moest ontdaan worden van de houtdelen van de stengel. Heel vroeger gebeurde dat met een grote beukenhouten klos (en daar komt inderdaad het gezegde ‘de beuk erin’ vandaan). In latere tijden deed men dat met een zogenaamde rolbraak. Het werk ging daardoor een stuk sneller, maar het bleef ontzettend zwaar werk.

De volgende behandeling van het ruwe vlaslinnen is het zwingelen. De laatste houterige deeltjes moeten uit de zo waardevolle vezels worden verwijderd. Men gebruikte daarvoor een zwangelmolen, een snel draaiend schoepenrad. Door de vezels voor de schoepen te houden, werden de laatste houtrestjes uit de vezels verwijderd. Dit was zwaar werk, de schoepen draaien rakelings voor de vingers/handen langs.

De laatste bewerking is het kammen van het vlas. Door deze bewerking werden de korte vezels verwijderd, die waren niet interessant voor de spinnerij of weverij. Als laatste werden de bosjes vlaslinnen samengeknoopt tot een zogenaamde pop, een bundel vlas van ongeveer zeven pond. Een handige werker kon per dag ongeveer zes tot zeven poppen vervaardigen.

In 2002 werd er voor het eerst sinds lange tijd weer vlas verbouwd in Ee. Een gedeelte van de oogst zal door het museum gebruikt worden voor demonstratiedoeleinden en het tweejaarlijkse N.K. Vlasrepelen in Ee. Bloeiend vlas kunt u herkennen aan de prachtige blauwe bloemen die in juli/augustus rondom de boerderij van de familie Wilman in Ee te vinden zijn